Maak van uw eerste snede een succes!

15 april 2021

Hoewel het weer de afgelopen dagen (begin april) er nog niet naar is, staat toch de eerste snede bijna voor de deur. Het is één van de belangrijkste oogstmomenten op melkveebedrijven en vraagt dus de aandacht. Een goede inschatting van de eigen situatie en het maken van een goede planning is het halve werk!

Oogst waarvoor u heeft bemest
We kennen allemaal de voorbeelden: wanneer de loonwerker een rondje door de omgeving rijdt met de maaicombinatie, dan is dit het teken om de 1e snede te gaan oogsten. Geldt dit ook voor uw bedrijf? Voldoet het gras dat dan wordt geoogst ook aan de kenmerken die het moet hebben om er een passend rantsoen van te kunnen maken zodat uw doelstellingen met de veestapel behaald kunnen worden?

Bodem
Elke bodem heeft zijn eigenschappen. De bodem waarop u uw gewassen teelt kan in meerdere opzichten verschillen met de bodem van uw buurman. Hierbij kan gedacht worden aan bereidbaarheid, is het een warme of koude bodem, hoe is de doorlaatbaarheid en hoe actief is het bodemleven.

Bemesting
De manier waarop u uw bodem bemest heeft een grote invloed op de kwaliteit en kwantiteit van het gewas dat op een bepaald moment op uw percelen staat. Heeft u vroeg kunnen starten met het bemesten, waardoor het bodemleven aan het werk is gezet en hierdoor de bodem sneller is opgewarmd, dan is de kans groot dat uw gewassen een voorsprong opbouwen ten opzichte van de percelen waarop in een later stadium is gestart met de bemesting.

Is er in verhouding voldoende stikstof, zwavel en kali bemest om de plant te ondersteunen in de opname aan nutriënten uit de bodem? Aan de hand van de kuilanalyses is het mogelijk om te beoordelen of de plant voldoende N-P-K en -S is tot haar beschikking heeft gehad. Aan de hand hiervan kan de bemesting worden geoptimaliseerd.

Leren van het verleden
Wat waren gezien de kwaliteit en de hoeveelheid van de eerste snede de punten waarop het meeste bijgestuurd moest worden in het rantsoen in de voorgaande jaren? Het is verstandig hierop terug te kijken en aan de hand hiervan een plan te maken.       

Tips voor oogst 1e snede

  • Als u heeft bemest om 3500 kilogram droge stof te oogsten, bewaar dan het geduld wanneer uw buurman begint te maaien op het moment dat u gemiddeld 2500 kilogram droge stof heeft staan op u percelen. Anders zal dit ertoe leiden dat het gewas niet de kenmerken heeft die passen in uw rantsoen. Voorbeelden zijn onvoldoende celwanden, verkeerde eiwit vorm (OEB), te hoge nitraat gehaltes en lagere opbrengst.
  • Kies het juiste oogst tijdstip. Gedurende de dag stijgt het suikergehalte in het gras. Suiker is gewenst voor het stabiel maken van de kuil. Als een kuil meer suiker bevat zal dit een positief effect hebben op de smaak/opname van het kuilgras.
  • Maai niet te kort, dit om de nieuwe groei van het gewas te bevorderen. Tip: bij 3500 kg droge stof minimaal 7,5 centimeter.
  • Stel uw machines zo af dat er geen grond in de kuil komt. Grond in de kuil heeft een negatieve invloed op smaak, voederwaarde en de mineralen huishouding. Ook bevordert grond in de kuil de ontwikkeling van de boterzuur bacterie.
  • Probeer te sturen op een droge stofgehalte tussen de 40 en 50 procent. Bij nattere kuilen zal de kwaliteit van het eiwit afnemen. Bij drogere kuilen neemt de kans op broei toe.
  • Rij de kuil goed aan. Het gewicht op de kuil moet de aanvoersnelheid bepalen.
  • Rij de kanten van de kuil goed aan, dit voorkomt broei.
  • Inkuilmiddelen: bij een droge stofgehalte hoger dan 50 procent heeft een inkuilmiddel niet/nauwelijks effect (kan het inkuilmiddel onvoldoende ‘zwemmen’ door de kuil)

CAV Den Ham is een middelgrote zelfstandige mengvoederproducent met een moderne fabriek en eigendom van de gezamenlijke boerenleden.

Samen naar een optimaal rendement!