Een gezond kalf begint bij een gezonde koe, een gezonde koe begint bij een gezond kalf

25 oktober 2021

Wanneer je de titel wat vaker leest, of na het lezen van dit artikel zal dit waarschijnlijk wat meer duidelijkheid geven. Iedereen wil graag gezonde koeien met een hoge levensduur. Ook vanuit het oogpunt dier- en welzijn is een hoge levensduur steeds meer van belang. Hier hebben meerdere facetten invloed op, één hele belangrijke daarin is de jongveeopfok.

Een gezond kalf geeft uiteindelijk een gezonde melkkoe. Biestmanagement geeft hierin de start van die succesvolle opfok. Maar weten we ook daadwerkelijk wat de kwaliteit van de biest is, en of we daarmee ons kalf van voldoende antistoffen voorzien? De droogstand is een belangrijk onderdeel van deze hoge biestkwaliteit, deze moet aan bepaalde voorwaarden voldoen, zodat de biest ook van die hoge kwaliteit is om het kalf een juiste start te geven. Wat zijn die bepaalde voorwaarden, en hoe weet ik of de biest van juiste kwaliteit is?

Transitie

De transitieperiode is de periode waarin er invloed uitgeoefend kan worden een succesvolle droogstand en opstart, maar dus ook op een goede biestkwaliteit om het kalf van juiste voeding te voorzien. Welke zaken zijn belangrijk in deze transitieperiode?

  • Zorg dat de koe goed opgedroogd is voor het droogzetten (<12 liter)
  • Zorg voor een uitgebalanceerd rantsoen voor droge koeien (vraag bij uw adviseur)
  • Zorg dat de koe voldoende voer opneemt, met name vlak voor en rond afkalven
  • Zorg voor schone omgeving, vlak voor en rond afkalven is het risico op uierontsteking het grootst.

Calcium

Wat ook van belang is tijdens de transitieperiode is om de koe van voldoende energie en calcium te voorzien om zo (slepende)melkziekte te voorkomen. Daarnaast is calcium zeer belangrijk bij het produceren van goede biest.  Het verlagen van de Kation-Anion Balans in het rantsoen kan hierbij ondersteuning geven. Hierbij zorgt u er voor dat het absorptiemechanisme van de melkkoe niet “lui” wordt, en de koe na het afkalven in staat is om zelf voldoende calcium op te nemen. Om deze Kat-Anion Balans te sturen, zijn verschillende mogelijkheden binnen een rantsoen, een voorbeeld hiervan is onze droogstandsbrok Transi Close-up. Deze brok kan de laatste twee weken van de droogstand gevoerd worden en ondersteund de koe bij alle belangrijke onderdelen.

Biest

Goede biest bevat antistoffen, immuunglobulinen of afgekort IgG. Oudere dieren hebben over het algemeen een betere kwaliteit biest, maar het zijn niet alleen antistoffen die biest tot een uniek product maken, er zijn nog meer ‘levensstoffen’ in de biest te vinden: witte bloedcellen, groeihormonen, vitaminen, mineralen, eiwit én energie. Deze ingrediënten helpen bij het gezond blijven en hard groeien van het kalf. Voer daarom waar mogelijk, en wanneer de biest vers bewaard kan worden ook die tweede en derde dag die biest voordat je overstapt op kunstmelk.

Wist u dat bij 8 liter biest het risico ontstaat dat er verdunde biest optreed en deze dus van lagere kwaliteit is? De droogstand is daarom van cruciaal belang voor de biestkwaliteit. Om dit inzichtelijk te krijgen, kan de biest gemeten worden (brix- waardes). Dit kan met name via een refractometer, deze meet de suikers en dus de kwaliteit van de biest. Goede kwalitatieve biest bevat een brix van 23 of hoger, een brix van 26 of hoger staat bekend als zeer goede biest. Belangrijk bij deze biestgift zijn uiteraard de vier V’s: Veel, Vlug, Vaak en Vers. Wat hierbij ook belangrijk is, en daarbij ook het meten van de biest is dat het kalf bij de eerste biestgift 250 Immunoglobulinen binnen krijgt (zie onderstaand figuur). Makkelijke rekensom: Wanneer we uitgaan van een brix van 24, is het kalf al bijna 4 liter nodig om aan de IgG norm te voldoen (3,5 x 70 = 245) (4 x 70 = 280). Zo ziet u maar dat voldoende biest, maar ook zeker de kwaliteit belangrijk is om het kalf van de juiste voeding te voorzien (zie tabel hieronder).

Registreren is evalueren

Om dit alles goed bij te houden en inzicht te krijgen in het succes van de droogstand en daarbij de jongveeopfok, is er binnen CAV een pakket ontwikkeld. Hierin zit een refractometer, een melkklopper, een thermometer, en een registratielijst. Hierin kan alles precies bij worden gehouden en geeft u over langere tijd inzicht in de biest en droogstandsmanagement. Vraag hierbij naar bij uw adviseur!

Wist u dat?

– Biest na 5 uur bewaard te hebben op kamertempratuur (ca 20 graden) al “kapot” kan zijn, en dus eigenlijk niet meer te voeren is doordat het vol met kiemen zit.

– Dit in de zomerdag bij ca 30 graden al na twee uur het geval kan zijn.

– Het voeren van biest, langer dan één dag, zeker zijn effecten heeft op de ontwikkeling van het kalf.

– Het voeren van 4 liter biest i.p.v. 2 liter biest bij de eerste biestgift (binnen 1 uur na geboorte) een positief effect heeft op de groei van het kalf en later op de melkproductie? (zie tabel hieronder)

CAV Den Ham is een middelgrote zelfstandige mengvoederproducent met een moderne fabriek en eigendom van de gezamenlijke boerenleden.

Samen naar een optimaal rendement!